De eerste rijwielstalling van Nederland

RIJWIELBERGING en GOEDERENLOODS in baksteen opgetrokken vanaf een langwerpige plattegrond over één bouwlaag met mezzanino onder een met Hollandse pannen gedekt zadeldak. In de lange zuidgevel drie tuitgevels met vijf ingangen er direkt onder of aan weerszijden. De geveltoppen hebben natuurstenen deklijsten die een klimmend keperfries vormen. Op de top een driehoekige steen. Voor de traveeën 7 tot en met 16 hangt tussen de begane grond en de mezzaninoramen een afdak waaronder zich een nu verdwenen laadperron bevond. Verder in de negentien traveeën tellende gevel zesdelige vensterpartijen bestaande uit drie achtruits vensters met vierlicht bovenlichten gescheiden door natuurstenen zuilen. De toegang tot de afdeling “Snelgoederen” (aangegeven met een tegeltableau) heeft een trap met drie treden. De gevel aan de perronzijde telt negentien traveeën met op de begane grond drielicht vensterpartijen. De even traveeëen hebben een dakkapel onder een plat dak met eveneens een drielicht vensterpartij. Waardering Rijwielberging en goederenloods van architectuurhistorisch en stedebouwkundig belang – als eerste rijwielstalling van Nederland – vanwege de hoge kwaliteit van het ontwerp – vanwege de beeldbepalende ligging – vanwege de ruimtelijke en functionele relatie met andere onderdelen van het complex – vanwege de gaafheid (bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)