Landgoed Matanze

52°16’38.933″ N 6°6’27.624″ E

In 1628 verovert Piet Hein de Zilvervloot op de Spanjaarden in de baai van Matanzas op Cuba. In opdracht van de West-Indische Compagnie komt hij weer terug in Nederland in 1629. De Zilvervloot werd verdeeld onder de aandeelhouders, destijds onder andere gevestigd in Deventer. Één van de aandeelouders en de admiraal die met Piet Hein meevoer stichtten met een deel van de opbrengst “Landgoed Matanze”.

Eeuwen later, in het voorjaar van 1998 werd Alexander van Rijckevorsel van Kessel eigenaar van landgoed Matanze. Hij woont daar met z’n vrouw Mirjam en hun drie kinderen: Sanne, Alexander en Floris. Het landgoed bestaat uit het grote woonhuis, een koetshuis, paardenstallen, kassen en een dienstwoning. Deze ruime 17e eeuwse dienstwoning werd voorheen ten dele door gouvernantes en ander huishoudelijk personeel bewoond. De eerste bewoner, Jessica Knol-de Jong is nu weer als medewerker voor de B&B teruggekeerd. ( tekst de Matanze )